SOBEK-RR
SOBEK-RR zelf behoeft geen nadere toelichting. Binnen triwaco kunnen afwateringseenheden worden gedefinieerd, parameters worden gedefinieerd en toegekend aan het RR model. Tevens kan het model sequentieel en simulataan worden gekoppeld aan SOBEK-CF.

Wageningen model
Een wat onbekende in de rij is het zogenaamde Wageningenmodel. Het model simuleert het neerslag-afvoerproces door waterbalansen bij te houden voor de onverzadigde zone, het langzame grondwaterreservoir en een snelle afvoer component. Afvoerkarakteristieken van verschillende afwateringseenheden zijn verschillend. Het model behoudt een gesloten waterbalans ook bij perioden met extreme neerslag. Dit levert de fysisch meest betrouwbare resultaten op. Toepassing in een aantal projecten heeft geleerd dat het een alternatief beidt voor SOBEK-RR.
Het modelconcept beschrijft afvoerpieken nauwkeurig via geleidelijke toename van snelle afvoer afhankelijk van hydrologische voorgeschiedenis. Een voordeel is dat afvoeren via een optimale hoeveelheid toestroompunten kunnen worden toegevoegd aan het oppervlaktewatermodel SOBEK-CF, dit beperkt rekentijden aanzienlijk. OPgemerkt dat het model binnen triwaco vooralsnog alleen sequentieel kan worden gekoppeld aan SOBEK-CF.

SWAP
Hoofdoel van het model SWAP is rekenen aan stroming in de onverzadigde zone. Het model wordt echter meer en meer gebruikt als neerslag/afvoer model. Het model beschikt namelijk over de mogelijkheid om oppervlakkige afstroming (surface runoff) en drainage/infiltratie (tot 4 niveaus) te berekenen.
SWAP kan op dezelfde manier als RR worden ingezet. Dat wil zeggen door de definitie van afwateringseenheden. Binnen triwaco is er ook de mogelijkheid om het model voor 1 punt op te zetten, als ook per knoop/cel van een grondwatermodel. Lees meer >>
FLAIRS en MODFLOW
Zowel de grondwatermodellen FLAIRS en MODFLOW
beschikken over geavanceerde mogelijkheden om drainage en infiltratie te berekenen. Met FLAIRS kunnen 4 drainage niveau's worden gedefinieerd en in MODFLOW in principe oneindig veel niveaus. Oppervlakkige afstroming is in grondwatermodellen altijd lastiger onder andere door het verschil in tijdschaal ten opzichte van grondwater. Als vuistregel wordt over het algemeen aangenomen dat de kleinste tijdstap voor grondwatermodellen 1 dag is (overigens ook voor SWAP). Biede modellen beschikken overigens over modules om ook oppervlakkige afstroming te simuleren.
|